Vraag jezelf tijdens de conceptfase de volgende vragen af:
- Welk gedrag wil je sturen?
- Heb je te maken met één actie of is het een gedragspatroon?
- Is het gecontroleerd gedrag of automatisch gedrag?
Het is lastig om gedrag te veranderen als het tegenstrijdig is met het automatische gedrag. Daarom moet je proberen van automatisch gedrag gereflecteerd gedrag te maken. Dit kun je doen door de gebruiker feedback te geven op zijn actie.
Denk aan een verkeersbord dat meet hoe hard je rijdt. Als je ziet dat je 72 km/u rijdt op een weg waar je 60km/u mag rijden, weet je dat je minder hard moet rijden. Je wordt bewust van je gedrag en je kunt het aanpassen.
Wanneer je feedback geeft moet je rekening houden dat wanneer de gebruiker weet dat hij/zij iets fout doet, hij/zij direct duidelijk instructies moet krijgen hoe hij/zij wel moet handelen. De mogelijkheid om de actie aan te passen moet er zijn.
Daarbij kan feedback leiden tot ongewaardeerde bijeffecten. Mensen hebben moeite met zelfreflectie, helemaal onze doelgroep. Wanneer de gebruiker niet duidelijk ziet wat hij/zij fout doet, zal hij/zij niet zijn gedrag erkennen of veranderen.
Om een doel te bereiken heb je motivatie nodig. Wanneer andere doelen belangrijker lijken zal de motivatie verdwijnen. Samenwerking en support helpen de motivatie.Om je doel te kunnen bereiken moet de mogelijk aanwezig zijn.
Mensen filteren informatie op wat noodzakelijk is voor hun korte termijn doelen.
Hoe gebruiken jullie bovenstaande interessante aanknopingspunten in het concept? Vooral met de betrekking tot het geven van feedback denk ik dat daar binnen het concept kansen voor zijn.
BeantwoordenVerwijderen